Ongelukken en veiligheid

 

Het vak van machinist was aanlokkelijk hoewel het matig betaald werd, maar het gaf relatief veel vrijheid. Vaak hadden machinisten dan ook een tweede baan erbij zoals  verzekeringsagent of klusjesman voor de dorpelingen. Ook verkocht men vis, wild (stroper) of gemalen graanprodukten.

De vraag was natuurlijk hoe kon men het vak leren. Men begon soms als stoker bij de ketels en werd dan bij geschiktheid als 2de machinist ingezet met de mogelijkheid om ooit hoofdmachinist te worden. Zo kwam ik in de  Provinciale Noordbrabantsche en ’s Hertogenbossche courant van 2 jan 1919, de  benoeming tegen van J.Nijtmans. Met zijn zoon heb ik nog gesproken en hij kon nog diverse technische wetenswaardigheden vertellen.

nijtmans-stoker-machinist

Hij promoveerde dus van stoker naar machinist.

 

 

 

 

Hoe veilig werkte men in die tijd? Voor de stoomtechniek was er een keuringsinstantie opgezet: Het Stoomwezen.

Zoals overal gebeurden er ongelukken en soms met dodelijke afloop.

ongeluk1ongeluk2

Had  de stoker dan niets in de gaten? De machine draaide niet meer dus de keteldruk zou op moeten lopen. Of was de 2de machinist ook de stoker?

 

18-3-1937-gooi-en-eemlander

 

De Gooi en Eemlander 18 maart 1937

De PGEM had zijn nieuwe centrale (1936) in Nijmegen net in bedrijf dus dit was het juiste moment om over te gaan naar elektrische aandrijving.

De stoommachine voor kleine bedrijven werd verdrongen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een ander artikel kwam ik tegen op de website van het Brabants Historisch Informatie Centrum.

In 1870 krijgen enkele bezitters van gronden in Dieden, Demen, Langel, Dennenburg en Deursen het idee een waterschap op te richten om met behulp van een stoomgemaal het grondwaterpeil te kunnen regelen. Het stoomgemaal kwam er, maar wanbeheer door een machinist die niet van de fles kon afblijven, zorgde ervoor dat het waterschapje kort na 1900 alweer werd opgeheven. Door overmatig drankgebruik bedient hij de stoommachine zo slordig, dat er voortdurend dure reparaties nodig zijn.

 

 

Het Nieuws van den Dag Maandag 6 mei 1878

Naar aanleiding van de voor eenige dagen door ons gemelde ontploffing van een windtoestel (ventilator) in de werkplaatsen der marine alhier, wenschen wij het volgende mede te deelen, dat tevens tot waarschuwing kan strekken van al degenen, die ventilatoren en in het algemeen windtoestellen (waaronder ook de blaasbalgen der smeden moeten begrepen worden) bezitten. Zooals men weet ontstaan bij de verbranding van steenkolen, gassen, die mét een zekere hoeveelheid lucht vermengd, brandbaar zijn. Dit zijn kooloxyde en eenige koolwaterstoffen, welke laatste als zoodanig in de steenkolen voorkomen. Nu kan onder sommige omstandigheden het geval zich voordoen, dat bij stilstand van den ventilator of den blaasbalg, onder schafttijd, terwijl het vuur voort blijft smeulen, de zich ontwikkelende gassen in de buis dringen, die van den windtoestel naar dat vuur leidt. Hierdoor ontstaat in de buis en in den toestel een mengsel der ontplofbare gassen en van lucht. Zoodra nu de toestel weer in beweging komt, wordt dit mengsel naar het vuur terug gedreven en ontvlamt daar, tengevolge waarvan de verbranding in de buis en den toestel wordt voortgezet en beide ontploffen. Dit alles kan gemakkelijk vermeden worden door in de buis, dicht bij het vuur, een kraan aan te brengen en nauwlettend zorg te dragen, dat deze steeds geslote wordt, zoodra de toestel tot stilstand komt.