De machinisten en stokers van het Alphensch gemaal

Machinisten en stokers

Jan Last

Geboren waar en wanneer???

Overleden waar en wanneer???

Opleiding?

Has Last

Geboren????

Overleden???

 

Stokers

Albert Last

Piet en Jan van Tuil

Thé van Ooijen

.

 

Een oude foto van gemaal Moordhuizen voor de polder van Alphen.

 

 

 

Op de foto staan:

Vader Has Last, Theo en Annie Last op een vensterbank en zijn zwager Gerrit van Koolwijk

Er staan 5 mensen op?????

 

 

 

 

 

 

 

In de nieuwsbrief van de Stichting Werkgroep Historisch Alphen aan de Maas van Maart 2010 stond de volgende informatie:

Deze  informatie komt van Annie van de Wert-Last. Haar vader was machinist Has Last en haar opa was machinist Jan Last.

Voor zover ik nu weet waren zij de machinisten van het Alphensche stoomgemaal dat werkte van 1880 tot in de jaren 50 van de vorige eeuw. Het gaat dan over een periode van ruim 70 jaar en het is dus goed mogelijk dat er geen andere machinisten bij betrokken zijn geweest. Mogelijk wel bij de bouw en in bedrijfstelling, want deze installatie was uitgevoerd met een centrifugaalpomp en dat was de eerste in de streek. Dreumel had een perspompinstallatie en Maasbommel had een schepradinstallatie. Wamel kreeg in dat zelfde jaar 1880 ook een schepradgemaal. De Molenpolder werd ontbonden en er ontstonden drie polders met een eigen gemaal en dus ook eigen kosten voor de mensen die er woonden.

Het was een stoomgemaal met voor die tijd de nieuwste techniek, namelijk die van een centrifugaalpomp. Die werd in Alphen voor het eerst toegepast.

Het gemaal lag op de grens van Dreumel en Alphen ongeveer op de plaats waar nu het elektrisch gemaal staat. De machinist had de zorg voor het goed werken van de stoommachine en de pomp. De stoker moest zorgen dat de ketel voldoende stoomdruk leverde.

De installatie  hoefde maar een deel van het jaar te draaien, maar dan wel dagen en nachten aan een stuk. Men keek niet op een uurtje of zoals Annie zei: naar uren kon men niet kijken. De machinist ‘sliep’ dan vaak in de machinekamer, om bij ieder verkeerd geluid onmiddellijk te kunnen reageren. De stokers hadden het veel zwaarder. Zij werkten in het warme ketelhuis. In dat deel van het gemaal  zorgden zij voor het vuur zodat de ketel op druk bleef. Zij moesten de kolen aanslepen (ik denk aanvoeren met een kruiwagen) en regelmatig  de verbrande asresten verwijderen. Het gemaal werd. gestookt met kolen die werden aangevoerd met paard en wagen en de laatste paar keer met een vrachtwagen.

In 1906 was Has Last in militaire dienst en was volgens zijn kaart al machinist A van beroep. Hij is dat gebleven tot dat het nieuwe gemaal gebouwd is in ± 1953, toen is het oude gemaal afgebroken.

In de Tweede Wereldoorlog was de kolenloods ook goed voor de buurtbewoners. De stokers haalden de kolen dan snel weer uit het vuur, zodat de mensen er nog goed van konden stoken.

Het werk van Has Last hield ook in dat hij de sluisjes van de sloten in de polder controleerde. Was de waterstand te laag, dan moest het water worden opgestuwd door de sluisjes in de sloten te sluiten want het vee moest kunnen drinken als het in de weide was. Het water werd dan opgestuwd zo noemde men dat. Kwam het water te hoog door kwel of regen  dan moest Has het water via de sluis in de dijk- met puntdeuren en schuiven- uit laten stromen in de uitvliet naar de Maas aan de andere kant van de dijk. Navragen!!!!

Was het water op de Maas en de uiterwaarden ook gestegen dan moest de machine malen zoals dat vroeger uitgedrukt werd. De sluis en de puntdeuren waren dan gesloten. Het water liep door de wetering tot de z.g. krooshekken bij het gemaal, waar het vuil en gras werd tegengehouden. Via de centrifugaalpomp kwam het water aan de andere kant van de dijk via de uitvliet in de Maas.Navragen!!!!

Has had ook de zorg voor onderhoud van het gemaal en de sluisjes als er niet gedraaid hoefde te worden.

 

Een machinist verdiende in die tijd 40 gulden per maand, maar hij mocht vrij wonen, stoken en zijn huis (met petroleum) verlichten. Het hoogste loon de laatste jaren was ƒ 48,00 per maand. Als er niet gemalen werd ging hij  soms werken om er wat bij te verdienen bij de boeren en hielp hij  bij het hooien en in de bieten enz. Voor zijn hobby en voor een lekker stukje vlees op tafel ging hij veel jagen en vissen. Daar  was hij dol op.

Annie vertelde dat het wel gezellig was als er gemalen moest worden. De vaste bezoekers waren: Has Janssen, Piet van den Oever, enz. Waar zaten die dan????In de machinekamer, ketelhuis of buiten?????

De kinderen uit het gezin waren dan ook aan ’t spelen in het stoomgemaal en Tonneke ???? wie is dat??? bracht de koffie.

In de watersnood van 1926 kwam het stoomgemaal helemaal in het water te staan en heeft men het daarna moeten opknappen.

In 1953 is dit mooie oude gebouw afgebroken en het werk werd overgenomen door het gemaal Quarles van Ufford.